Verslag van de Directie
Rotterdamse haven blijft veerkrachtig in onzekere wereld
Overslag in haven van Rotterdam met 0,4% toegenomen in eerste halfjaar
Goederenoverslag met 0,4% toegenomen in eerste helft 2026
Overslag olie en olieproducten gestegen met 4,7% als gevolg van sluiting Straat van Hormuz
Bedrijfsresultaat Havenbedrijf Rotterdam stabiel
Energietransitie krijgt concreet vorm in de haven
Havenbedrijf investeert in weerbaarheid en veiligheid
De overslag in de haven van Rotterdam is in de eerste helft van 2026 toegenomen met 0,4% ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. De totale overslag kwam daarmee uit op 212,0 miljoen ton. Het segment droge bulk steeg met 1,7%. Ook de overslag van natte bulk nam toe met 2,4%. Een daling van de overslag was te zien in het container- en breakbulksegment. De overslag van containers in TEU (Twenty-foot Equivalent Unit) nam af met 0,1% en in tonnage met 2,6%. Breakbulk daalde met 1,1%. Het afgelopen halfjaar werd gekenmerkt door veel onzekerheid. Hoewel de Rotterdamse haven dankzij haar schaal, infrastructuur en diversiteit aan goederenstromen veerkrachtig bleef opereren, maakten de ontwikkelingen duidelijk hoe belangrijk investeringen in energiezekerheid, duurzame alternatieven en weerbaarheid van logistieke ketens zijn. Financieel gezien was het eerste half jaar met een nettoresultaat van 144,8 miljoen euro stabiel. De investeringen van Havenbedrijf Rotterdam bedroegen in de eerste zes maanden 126,0 miljoen euro.
Boudewijn Siemons, CEO Havenbedrijf Rotterdam: “De oorlog in de Perzische Golf heeft ingrijpende humanitaire gevolgen voor de mensen in de regio. Daarnaast maakt de sluiting van de Straat van Hormuz duidelijk hoe nauw mondiale handels- en energiestromen met elkaar verweven zijn. Hoewel de directe impact op de operatie en overslag in de haven van Rotterdam vooralsnog beperkt is, hebben hogere energieprijzen en toenemende onzekerheid de internationale markten geraakt. Deze gebeurtenissen benadrukken het belang van robuuste logistieke ketens en een sterke Europese energie-infrastructuur. De Rotterdamse haven heeft laten zien veerkrachtig en betrouwbaar te zijn onder uitdagende omstandigheden. Dat is niet alleen belangrijk voor de positie van de haven maar ook voor de weerbaarheid van Nederland en Europa.”
Verduurzaming haven en industrie
Samen met de gemeente Rotterdam heeft Havenbedrijf Rotterdam een nieuwe stap gezet in de verduurzaming van de haven en de stad. Na de realisatie van een walstroominstallatie voor cruiseschepen aan de Wilhelminakade, kunnen nu ook schepen die aanmeren aan de Parkkade in de stad gebruikmaken van walstroom. Dat zorgt voor schonere lucht, minder CO2-uitstoot en minder geluidsoverlast voor de omgeving.
Een andere mijlpaal is bereikt met de oplevering van het eerste deel van het landelijke waterstofnetwerk, dat symbolisch werd geactiveerd in Rotterdam door Zijne Majesteit de Koning. Via de 32 kilometer lange leiding tussen de Maasvlakte en Pernis kan waterstof in de toekomst vanuit waterstoffabrieken op de Maasvlakte naar afnemers in de industrie worden getransporteerd. De komende jaren wordt het netwerk uitgebreid naar andere industriële regio’s en gekoppeld aan opslaglocaties en waterstofnetwerken in Duitsland en België.
Op het gebied van het bunkeren van alternatieve brandstoffen heeft de haven van Rotterdam in mei een nieuwe primeur bereikt met de eerste ethanolbunkering van een zeeschip. De succesvolle inzet van een ethanol-methanolbrandstofmix toont het potentieel van alternatieve brandstoffen voor de verduurzaming van de scheepvaart en versterkt de positie van Rotterdam als toonaangevende bunkerhaven voor duurzame brandstoffen.
Stad en haven
Havenbedrijf Rotterdam is positief over het nieuwe Rotterdamse coalitieakkoord, dat op 26 juni 2026 werd gepresenteerd door PRO, D66, VVD, CDA en Volt. Het akkoord sluit goed aan bij de eigen ambitie om de haven in 2050 concurrerend, weerbaar, circulair en klimaatneutraal te maken. Om de benodigde private investeringen op gang te brengen moeten belangrijke knelpunten, zoals stikstofbeperkingen en netcongestie, worden opgelost. Havenbedrijf Rotterdam kijkt ernaar uit om de komende vier jaar nauw samen te werken met het nieuwe college aan de uitvoering van het akkoord.
Om de relatie tussen de haven en haar omgeving verder te versterken en te zorgen voor meer wederzijds begrip, transparantie en betrokkenheid, intensiveert Havenbedrijf Rotterdam de dialoog met de bewoners rondom het havengebied. Per 1 juni zijn Havenbedrijf Rotterdam en Deltalinqs gestart met De Havendialoog. Steden, dorpen en wijken in en rond de haven staan voor grote uitdagingen op het gebied van wonen, bereikbaarheid en milieu. De Havendialoog biedt bewoners en bedrijven ruimte om deze onderwerpen op een open manier te bespreken. De bijeenkomsten worden twee keer per jaar per gebied georganiseerd, in samenwerking met gemeenten, DCMR, Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond en bedrijven in de haven. De eerste reeks vond plaats in juni en juli 2026 op verschillende locaties rond de Rotterdamse haven en kon rekenen op flinke interesse van omwonenden.
Veiligheid en weerbaarheid
In de Rotterdamse haven zetten bedrijven, hulpdiensten en overheden steeds vaker drones in voor onder meer inspecties, beveiliging, metingen, milieumonitoring, toezicht en incidentbestrijding. Drones zijn daarmee een steeds belangrijker onderdeel van de dagelijkse havenoperatie. Deze ontwikkeling vraagt om een veilig en goed georganiseerd laag luchtruim. Om dit te realiseren, heeft Havenbedrijf Rotterdam eind juni bij het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat een aanvraag ingediend voor de aanwijzing van Pre U-space boven het havengebied. Pre U-space-luchtruim richt zich als voorbereidende fase naar een volledig U-space luchtruim, op aanmelding, toelatingsbeleid en autorisatie van dronevluchten. Hiermee is het formele proces gestart om te komen tot een beter gereguleerd laag luchtruim.
Ferm Zeehavens, het cybersecurity platform voor de Nederlandse zeehavens van nationaal belang, heeft een belangrijke stap gezet in het versterken van de digitale weerbaarheid van de Rotterdamse haven. Samen met een Nederlandse startup heeft Ferm een innovatief digitaal ‘cyberschild’ ontwikkeld dat continu internettoegankelijke systemen monitort en kwetsbaarheden vroegtijdig signaleert. Inmiddels worden meer dan vijftien vitale organisaties en duizenden systemen actief gecontroleerd op bekende en nieuwe kwetsbaarheden. De ontwikkeling komt op een belangrijk moment. Op 7 juli stemde de Eerste Kamer in met de Cyberbeveiligingswet (Cbw) en de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten (Wwke), waarmee Nederland de Europese NIS2- en CER-richtlijnen implementeert. Vanaf 15 augustus 2026 vallen honderden havenbedrijven onder de nieuwe cybersecurityverplichtingen, waaronder registratie, zorgplicht en het melden van significante cyberincidenten. Daarmee groeit het belang van gezamenlijke digitale weerbaarheid verder. Ook is er onlangs een beveiligde omgeving ingericht waarin aangesloten organisaties incident- en dreigingsinformatie zelf proactief met het netwerk van Ferm Zeehavens kunnen delen.
Investeringen en financiën
Havenbedrijf Rotterdam heeft een stabiel financieel halfjaar achter de rug. De opbrengsten van het Havenbedrijf zijn met 3,2% tot 477,0 miljoen euro toegenomen. Zowel de contractopbrengsten als havengelden zijn gestegen voornamelijk als gevolg van indexatie. De operationele lasten zijn met 10,9 miljoen euro gestegen naar 178,2 miljoen euro. Ook hier gaat het voornamelijk om prijsstijgingen in contracten door vooraf afgesproken indexatie en de loonstijging als gevolg van de cao-wijziging in 2025. Daarnaast is er sprake van een incidentele saneringsuitgave. Het resultaat voor rente, belasting en afschrijvingen of waardeverminderingen (EBITDA) is met een stijging van 1,3% uitgekomen op 298,8 miljoen euro. Dit bedrag is de graadmeter voor de capaciteit van het Havenbedrijf om via de eigen balans in de ontwikkeling van het havenindustrieel complex te kunnen blijven investeren. Het nettoresultaat steeg met 0,9% en 1,2 miljoen euro tot 144,8 miljoen euro. Het Havenbedrijf investeerde in het eerste half jaar van 2026 een bedrag van 126,0 miljoen euro. Dat is 7% minder dan in dezelfde periode vorig jaar. Dat komt voornamelijk omdat in 2025 meer kapitaal gestort is in Porthos dan in 2026.
Overslag
Droog massagoed
De overslag van droog massagoed is met 1,7% gestegen in het eerste halfjaar van 2026. De overslag van ijzererts en schroot daalde met 8,3%. De overslag van ijzererts daalde in de eerste helft van 2026 met 9,6% ten opzichte van een jaar eerder. Hoewel de Duitse staalproductie toenam, heeft dit nog niet geleid tot hogere overslagvolumes. Er werden bestaande voorraden ingezet door staalproducenten. De overslag van schroot nam in de eerste helft van 2026 met 6,1% toe, voornamelijk door de groei van de elektrostaalproductie in belangrijke afzetmarkten buiten de EU. Met name Egypte was een belangrijke afzetmarkt. De kolenoverslag nam in de eerste helft van 2026 met 17,8% toe. De stijging is vooral toe te schrijven aan het herstel van de overslag van cokeskolen ten opzichte van het uitzonderlijk lage niveau van 2025. Daarnaast lag ook de overslag van energiekolen hoger dan een jaar eerder, onder meer als gevolg van relatief hoge gasprijzen door de geopolitieke spanningen in het Midden-Oosten. De overslag van agribulk lag in de eerste helft van 2026 14,2% lager dan een jaar eerder en kwam daarmee uit op ongeveer 4,9 miljoen ton. De daling volgt op het uitzonderlijk sterke 2025 en weerspiegelt onder meer de afgenomen importvraag door de grotere beschikbaarheid van agribulk in Europa. De overslag van overig droog massagoed nam in de eerste zes maanden met 18,5% toe. Deze groei komt voornamelijk door herstel van de activiteiten in de bouwsector in Nederland. Dit leidde tot een hogere vraag naar bouw-gerelateerde grondstoffen. Daarnaast zorgden voorraadopbouw en verschuivingen in handelsstromen voor extra volumes.
Nat massagoed
De overslag van het nat massagoed nam in de eerste zes maanden toe met 2,4%. Door de sluiting van de Straat van Hormuz zijn de prijzen van ruwe olie en minerale olieproducten gestegen, wat leidt tot hogere raffinagemarges. Door deze hoge raffinagemarges en om de weggevallen import van olieproducten te compenseren zijn Europese raffinaderijen meer ruwe olie gaan importeren en verwerken. Dat alles heeft geleid tot 1,6% meer overslag van ruwe olie. De overslag van olieproducten nam toe met 11,5% naar 25 miljoen ton. De import daalde met 9% en de export steeg met 36%. De export nam toe door een stijging van de export van stookolie naar Singapore en gasolie naar Gibraltar en Spanje. Dit laatste heeft te maken met de invoering van de Emission Control Area (ECA) in de Middellandse Zee vorig jaar. Daar moet bunkerbrandstof gebruikt worden met maximaal 0,1% zwavel, wat heeft geleid tot meer vraag naar marine gasolie. De overslag van LNG daalde met 1,7% naar 6,4 miljoen ton doordat er minder geïmporteerd werd. De export nam toe. Dit komt voornamelijk door meer gebruik van LNG als scheepsbrandstof. De overslag van overig nat massagoed daalde 5,9%. Dit komt vooral door een daling van de overslag van chemische producten. De chemische industrie in Europa heeft het nog steeds moeilijk door hoge energieprijzen, beperkte vraag en veel concurrentie van buiten Europa. In vrijwel heel Europa ligt de chemische productie lager dan vorig jaar, wat zorgt voor lagere vraag naar grondstoffen en minder export van (eind)producten.
Containers en breakbulk
De overslag van containers is met een daling van 0,1% in TEU vrijwel gelijk aan vorig jaar. In tonnage is de overslag met 2,6% afgenomen tot 98,5 miljoen ton. Het deepsea volume groeide met 5,2% in TEU doordat de importvolumes uit Azië met 8% zijn toegenomen. Export van volle containers daalde met 1%. Hierdoor is de onbalans verder toegenomen en de overslag in tonnage harder gedaald dan in TEU. De overslag van en naar Noord-Amerika nam met 13% toe door een toename van het aantal diensten. Het transhipment volume nam door het gebrek aan capaciteit in Rotterdam af met 20%. Hierdoor was er onderaan de streep geen groei in de containeroverslag in het eerste halfjaar. Vanaf het einde van dit jaar komt er bij meerdere containerterminals extra capaciteit beschikbaar waardoor er weer ruimte komt voor groei van de containersector in Rotterdam. De directe containervolumes van en naar landen in de Perzische golf bedragen ongeveer 1% van het totale containervolume. Na de sluiting van de Straat van Hormuz zijn er vrij snel nieuwe verbindingen ontstaan via havens die niet aan de Perzische Golf liggen. De negatieve impact voor de haven van Rotterdam is hierdoor beperkt gebleven.
De RoRo-overslag nam toe met 1,0% naar 13 miljoen ton. Dit is het gevolg van de toename van vraag naar goederen in het Verenigd Koninkrijk. Overig stukgoed daalde met 9,5% als gevolg van stagnatie van de Europese maakindustrie in voornamelijk machinerie en automotive sectoren. Met name de overslag van aluminium is lager dan gebruikelijk. Ook de aangescherpte sancties op Russische lading hebben effect.
Havenbedrijf Rotterdam benadrukt belang van voortvarende aanpak knelpunten investeringsklimaat
Om het investeringsklimaat in de Rotterdamse haven te stimuleren, moet er een aantal grote knelpunten zoals stikstofproblematiek, netcongestie, hoge energiekosten ten opzichte van buurlanden en de staat van de Nederlandse infrastructuur opgelost en aangepakt worden.
Havenbedrijf Rotterdam is positief over het stikstofmaatregelenpakket dat het kabinet onlangs presenteerde. Het pakket combineert stikstofreductie en natuurherstel met maatregelen die vergunningverlening weer mogelijk moeten maken. Dat biedt perspectief voor verschillende getroffen sectoren, zoals de industrie, energiesector, logistiek en bouwsector. Positief is dat het kabinet de gebiedsgerichte aanpak voor de Rotterdamse haven expliciet benoemt. Samen met het Rijk, de gemeente Rotterdam en Deltalinqs werkt Havenbedrijf Rotterdam al aan een regionale aanpak die vergunningverlening voor met name energie- en verduurzamingsprojecten moet versnellen. Nu komt het vooral aan op snelle politieke besluitvorming en voortvarende uitvoering, zodat noodzakelijke investeringen daadwerkelijk van de grond kunnen komen.
De staat van de Nederlandse wegen, spoorwegen, en vaarwegen is reden tot zorg voor Havenbedrijf Rotterdam. Goed functionerende infrastructuur vormt de basis voor de logistieke sector en daarmee het verzekeren van het verdienvermogen van de Nederlandse economie. Dat is kortgeleden ook door het kabinet bevestigd. De aangekondigde her-prioritering van uitgaven aan infrastructuur en het noodzakelijke onderhoud en vervanging van de infrastructuur raakt ook de weg-, water- en spoornetwerken die essentieel zijn voor de Rotterdamse haven. Tegelijkertijd werkt Havenbedrijf Rotterdam samen met het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat aan multimodale bereikbaarheid en toekomstige investeringen die de concurrentiekracht, weerbaarheid en bereikbaarheid van de haven op lange termijn ondersteunen. Het Havenbedrijf blijft graag met het kabinet in gesprek over een gebiedsgerichte aanpak om de bereikbaarheid van de Rotterdamse haven en de belangrijkste achterlandcorridors op de lange termijn veilig te stellen.